Vandaag de dag weten we niet beter dan dat darten een enorm populaire sport is. Vroeger en in andere tijden is dit echter wel eens anders geweest. Darten werd toen vooral gezien als sport die in de kroeg werd gedaan, wat deels wel waar is, maar over het professionele gedeelte was er toen weinig bekend. Hoe anders is dit nu! Dat is oprecht een wereld van verschil.

Dit alles ging natuurlijk niet zomaar, want er is wel degelijk heel wat aan te pas gekomen voordat het balletje allemaal is gaan rollen. Een juiste combinatie van de doorbraak van een aantal nationale dartgrootheden op hetzelfde moment dat de sport toch al aan een revival bezig was, maakte dat alles op zijn plek viel. Jaren later hebben we nog steeds vele programma’s op televisie die aan het darten gewijd zijn. Met analisten, experts die aan het woord komen, voorbeschouwingen en uitgebreide verslagen van allerlei wedstrijden en toernooien. Net zoals dit bij de grote sporten zoals voetbal en wielrennen het geval is.

Voor de hele dartswereld is dit dan ook iets waar men uitermate trots op mag zijn. Het was immers een lange weg die de sport bracht tot waar het nu is en die verliep zeker niet zonder slag of stoot. Wat er zeker aan heeft bijgedragen dat het darten gegroeid is, is dat de spelers zelf nu eindelijk goed geld kunnen verdienen aan een loopbaan en zelf full time prof kunnen zijn wanneer zij hier goed genoeg voor zijn. Dit is natuurlijk niet voor iedereen weggelegd en de meesten beginnen nog niet full time, maar indien je echt goed bent wordt dit alsmaar makkelijker.

Dit brengt het algehele niveau natuurlijk alleen maar omhoog. Ook kunnen darters die om welke reden dan ook gestopt zijn, hun geld verdienen door hun expertise te delen op televisie, clinics te geven en andere optredens te doen. Nederlandse darters die het ver geschopt hebben zijn als het ware beroemdheden geworden en kunnen daarom teren op de roem die ze tijdens hun darts carrière hebben vergaard. Dit is wel zo fijn en geldt dus eigenlijk als een goede buffer na het einde van een loopbaan, zoals we dat bij andere sporters ook veelal zien.

Het moment van stoppen kan lastig zijn voor een darter. Het heeft namelijk niet altijd direct iets met leeftijd te maken. Er kan over het algemeen een stuk langer worden doorgespeeld dan bij andere sporten. Zo zien we sommige darters al stoppen na tien tot vijftien jaar in de sport, terwijl ze qua leeftijd nog vrij jong zijn. Andere halen er het maximale uit en gaan decennia achter elkaar door met spelen, terwijl ze eigenlijk helemaal niets aan niveau lijken te verliezen. Het heeft dan ook vooral met concentratie te maken. Zolang het lichaam de concentratie kan opbrengen die vereist is om topwedstrijden te spelen, maakt de leeftijd van een darter weinig uit.

Leuk om te zien is hoe de sport zich de komende jaren in Nederland door zal ontwikkelen. Aangezien dit de laatste jaren alleen maar in een stijgende lijn is gegaan, lijkt er nog voldoende rek in te zitten voor darten in het algemeen binnen Nederland. De dartverenigingen en clubs maken vooralsnog een groei door. Ook het recreatief darten blijft populair. We zullen snel zien hoe ver dit de sport nog kan gaan brengen.